Landelijke Wetgeving Standplaatsvergunningen
Landelijke wetgeving voor standplaatsen
Voordat je een standplaatsvergunning aanvraagt, is het goed om te weten wanneer je wél en wanneer je géén vergunning nodig hebt.
Wanneer heb je geen vergunning nodig?
- Op een markt of evenement – De organisator regelt de vergunning, jij hoeft alleen toestemming van de
organisator. - Op privéterrein – Denk aan een boerenerf, bedrijventerrein of particuliere tuin. Je hebt alleen toestemming van
de grondeigenaar nodig.
Wanneer heb je wél een vergunning nodig?
- Op openbare grond – Stoepen, pleinen en gemeentelijke parkeerplaatsen. Hier vraag je een standplaatsvergunning
aan bij de gemeente. - Op openbaar toegankelijk privéterrein – Zoals een supermarktparkeerplaats. Naast toestemming van de eigenaar kan
ook een gemeentelijke vergunning vereist zijn.
Landelijke regels om te kennen
- Algemene Plaatselijke Verordening (APV) – De basis voor standplaatsvergunningen. Elke gemeente heeft een eigen
APV, maar de meeste volgen het VNG-model. - Dienstenwet (schaarse vergunningen) – Standplaatsvergunningen zijn schaars. Dit betekent: beperkte looptijd
(meestal 5-15 jaar), gelijke kansen voor aanvragers, en transparante verdeling.
→ Lees meer over landelijke
wetgeving voor standplaatsvergunningen
Lokale regels in Landelijke Wetgeving Standplaatsvergunningen
Hieronder vind je alle informatie over de standplaatsvergunning in Landelijke Wetgeving Standplaatsvergunningen.
Naast gemeentelijke regels zijn er ook landelijke wetten en richtlijnen die van toepassing zijn op standplaatsen in Nederland. Hier vind je een overzicht van de belangrijkste landelijke wetgeving voor ambulante handelaren.
De Algemene Plaatselijke Verordening (APV)
De Algemene Plaatselijke Verordening (APV) is de basis voor standplaatsvergunningen in Nederland. Hoewel elke gemeente een eigen APV heeft, volgen de meeste gemeenten het model van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).
De APV regelt onder andere:
- Definitie van wat een standplaats is
- Vergunningplicht voor het innemen van een standplaats
- Weigeringsgronden voor vergunningen
- Regels voor openbare orde en veiligheid
Standplaats op privéterrein
Een veelgestelde vraag is of je een vergunning nodig hebt voor een standplaats op privéterrein. Het antwoord is: meestal wel, als het terrein openbaar toegankelijk is.
Volgens artikel 5:19 van de model-APV is het de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat daarop zonder vergunning een standplaats wordt ingenomen. Dit geldt ook voor particulier terrein dat voor het publiek toegankelijk is.
Wat heb je nodig voor een standplaats op privéterrein?
- Schriftelijke toestemming van de grondeigenaar
- Een standplaatsvergunning van de gemeente
- Eigen afspraken met de grondeigenaar over huur en gebruik
De Dienstenwet en schaarse vergunningen
De Europese Dienstenrichtlijn en de daaruit voortvloeiende Dienstenwet hebben grote invloed op standplaatsvergunningen. Standplaatsvergunningen worden gezien als schaarse vergunningen omdat er een beperkt aantal locaties beschikbaar is.
Wat betekent dit voor jou?
- Beperkte duur: Vergunningen mogen niet voor onbepaalde tijd worden verleend. De meeste gemeenten hanteren een termijn van 5 tot 15 jaar.
- Gelijke kansen: Iedereen moet een eerlijke kans krijgen om een vergunning te bemachtigen. Gemeenten moeten beschikbare vergunningen openbaar bekendmaken.
- Transparante verdeling: De selectieprocedure moet duidelijk en objectief zijn.
Verschil standplaats, marktplaats en venten
In de wetgeving worden drie vormen van ambulante handel onderscheiden:
Standplaats
Een vaste locatie op de openbare weg of openbaar toegankelijk terrein waar je producten of diensten aanbiedt vanuit een kraam, verkoopwagen of ander verkooppunt. Je staat op één plek.
Marktplaats
Een plek op een door de gemeente georganiseerde markt (weekmarkt, jaarmarkt). Hiervoor gelden aparte marktverordeningen en -reglementen.
Venten
Het aanbieden van producten of diensten terwijl je je verplaatst, bijvoorbeeld langs deuren of op straat. Hiervoor kan een ventvergunning nodig zijn.
Landelijke vrijstellingen
Sommige activiteiten zijn in veel gemeenten vrijgesteld van de vergunningplicht:
- Verkoop op eigen erf (niet openbaar toegankelijk)
- Snuffelmarkten en rommelmarkten (vaak aparte regeling)
- Verkoop tijdens erkende evenementen (valt onder evenementenvergunning)
- Ideële standplaatsen (voor goede doelen, soms vergunningvrij)
Let op: vrijstellingen verschillen per gemeente. Controleer altijd de lokale APV.
Andere relevante wetgeving
Naast de APV en Dienstenwet kunnen ook andere wetten van toepassing zijn:
- Warenwet: Regels voor voedselveiligheid als je etenswaren verkoopt
- Omgevingswet: Regels voor ruimtelijke ordening en milieu
- Wegenverkeerswet: Als je standplaats het verkeer beïnvloedt
- Winkeltijdenwet: Regels over openingstijden (hoewel ambulante handel vaak is uitgezonderd)
Tips voor ambulante handelaren
- Vraag altijd eerst bij de gemeente – Regels verschillen per gemeente
- Vraag tijdig aan – De meeste gemeenten hanteren een behandeltermijn van 8 weken
- Bewaar je vergunning – Je moet deze kunnen tonen tijdens controles
- Let op de voorwaarden – Vergunningen bevatten vaak specifieke eisen
- Verzekeringen – Zorg voor adequate aansprakelijkheidsverzekering